Informatica in de bovenbouw van havo & vwo

Informatica in vwo-5

In vwo-4 heb je al kennisgemaakt met het vak informatica: basis informatica, webdesign-1 (html & css), gametechnologie, een aantal opdrachten uit de toegepaste informatica en innovatie. Al het leerstofmateriaal stond online (geen boeken).

Bij een modern vak als informatica maken we geen gebruik van een papieren boek, maar is alle leerstof online te vinden. Een boek verouderd razendsnel in de wereld van ICT (Informatie- en Communicatie Technologie) en is dan ook geen geschikt medium voor dit vak.

Voor de verwerking van de speciale opdrachten (korte opdrachten) en praktijkopdrachten maak je gebruik van een schrift of map. We doen dus niet alles digitaal.

Bij dit vak maak je vanaf vwo-5 gebruik van de digitale methode Instruct-Online, waarin je leerstof en opdrachten kan vinden. Ook de uitwerkingen van open vragen en meerkeuze vragen plaats je online en worden door de docent beoordeeld. Het resultaat van die uitwerkingen telt mee voor proefwerken en schoolexamens. Van je docent ontvang je een toegangscode voor een abonnement op Informatica van Instruct-Online, dat toegang geeft tot een aantal digitale leermethoden voor informatica en programmeren.

Daarnaast maak je gebruik van deze website Informatica van het Koning Willem II College. Op deze website tref je basis informatica en praktijkopdrachten aan.

De verwerking van al deze opdrachten online, in je map of schrift en op de ELO (bij in te leveren uitwerkingen van praktijkopdrachten) vormen je dossier informatica. Het dossier informatica wordt betrokken bij het bepalen van de cijfers informatica voor proefwerken en schoolexamens.

De leerstof bij het vak informatica bestaat uit theorie (basis informatica) en praktijk.

Bij informatica gaat het niet alleen om het eindproduct maar vooral om de weg daar naar toe. Het is vooral de bedoeling dat je dingen zelf leert uitzoeken: research & development. Als je enkel iets moois kunt maken door de docent of je medeleerlingen jouw problemen te laten oplossen schieten we het doel voorbij en heb je eigenlijk niet echt iets geleerd: je leert dan enkel papegaaien. Niet boos worden dus als je docent zegt dat je het zelf moet uitzoeken, dat is namelijk echt de bedoeling. Het is voor de docent een fluitje van een cent om het even voor te doen .... en daarna kun jij het de volgende keer weer niet zelf. Je begrijpt dat vast wel... ;-)

 

Het eerste trimester:  module 1 en 2, basis informatica, programmeren, robotica

In het eerste trimester worden module-1 & module-2 en het maken van apps met 'visual basic . net' van Instruct-Online behandeld, basis informatica (theorie & praktijk) en een aantal praktijkopdrachten over programmeren met visual basic for applications (vba), programmeren met visual basis express (vbe) en robotica. Je leert zelfstandig werkende programma's (apps) maken en je leert hoe je de broncode van een programma compileert tot zelfstandige executables.

In het eerste trimester is programmeren het centrale thema. Maar daar komt dan wel een en ander bij kijken:

- basis informatica 4 (theorie & praktijk);

- omgaan met programma's als PowerPoint, Prezi, Irfan View, 7-Zip, UnFREEz, Notepad++ en diverse webbrowsers;

- omgaan met visual basic for applications (vba) uit het Office pakket;

- omgaan met visual studio . net - visual basic express (vbe);

- robots programmeren (robotica).

Gedurende het gehele trimester werk je aan het vakjargon (de vaktermen), zodat je de verschillende begrippen uit de informatica een plaats kunt geven. Begrijp je een bepaald begrip niet dan zoek je dat op via Internet (bijvoorbeeld Wikipedia), vaktijdschriften of raadpleeg je klasgenoten of je docent.